Lokale heffingen

Beleid

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Beleid

Bij het heffen en invorderen van belastingen zijn we onder meer gebonden aan:

  • de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR);
  • de Algemene wet bestuursrecht (Awb), (inclusief de algemene beginselen van behoorlijk bestuur);
  • de Invorderingswet 1990;
  • de Gemeentewet;
  • diverse Uitvoeringsbesluiten.

De wet geeft duidelijke kaders aan voor de heffing, invordering en kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Het maken van uitzonderingen op de regels uit de wetgeving is niet toegestaan, dit om rechtsongelijkheid voor de burger te voorkomen.

Het tarievenbeleid 2027 is gebaseerd op de volgende uitgangspunten:

  • Streven naar kostendekkendheid in de tariefstelling voor leges en retributies.
  • Het profijtbeginsel bij de overige heffingen hanteren.

De tarieven voor 2027 worden als volgt aangepast:

  • Voor de OZB zijn de tarieven voor woningen en niet-woningen verhoogd om nu en in de komende jaren een gezonde financiële situatie te realiseren en te behouden. Er is hierbij gekozen voor een evenredige stijging bij zowel het OZB-tarief woningen als het OZB-tarief niet-woningen (zowel eigenaar als gebruiker)
  • Leges en tarieven worden in z'n algemeenheid verhoogd met de inflatiecorrectie (3,2%).
  • De tarieven voor de rioolheffing zijn gebaseerd op 100% kostendekkendheid waarbij rekening is gehouden met een zo reëel mogelijke inschatting van zowel de baten- als de lastenontwikkeling binnen het meerjarenperspectief 2027-2030. Het tarief voor de rioolheffing is gebaseerd op het Programma Water en Riolering 2023-2027 (PWR). 

Onroerendezaakbelastingen (OZB)

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Onroerendezaakbelastingen (OZB)

We heffen op grond van artikel 220 van de Gemeentewet twee directe belastingen op de onroerende zaken die binnen de gemeente liggen, de zogenaamde onroerendezaakbelastingen:

  • Een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak (die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom) bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt;
  • Een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.

De hoogte van de OZB is afgeleid van de WOZ-waarde (een percentage). Jaarlijks worden nieuwe WOZ-waarden vastgesteld. De aanslagen zijn gebaseerd op de WOZ-waarden met een waardepeildatum die 1 jaar voorafgaand aan het belastingjaar ligt.

De maximaal verwachte opbrengst OZB wordt als percentage van de totale WOZ-waarden (rekening houdend met areaaluitbreiding en waardestijging) van alle onroerende zaken in Son en Breugel uitgedrukt. Dit percentage is bepalend voor de hoogte van elke individuele aanslag OZB.

De tarieven voor 2027 zijn bijgesteld om een gezonde financiële situatie te realiseren. Het voorstel voor vaststelling van de tarieven wordt in november 2026, gelijktijdig met de begroting 2027, aangeboden aan de raad.

Omschrijving 2026 2027
Totale waarde woningen 4.505.820.408
Totale waarde niet-woningen 878.760.638

De belastingcapaciteit heeft een relatie met de inkomsten die een gemeente ontvangt via het gemeentefonds. Hoeveel geld een individuele gemeente uit het gemeentefonds krijgt, hangt namelijk af van de kenmerken en de belastingcapaciteit van de gemeente. De belastingcapaciteit geeft aan hoeveel belasting een gemeente jaarlijks kan innen. Het aandeel van een gemeente in het gemeentefonds is kleiner naarmate het vermogen om belastingen te heffen groter is. Het gaat hier om de WOZ-waarde van onroerende zaken in de gemeente, berekend tegen een voor alle gemeenten gelijk tarief.

In onderstaande tabel geven we de korting op het gemeentefonds weer ten opzichte van werkelijke opbrengst. We doen dit op basis van de waarde 1-1-2026 omdat dit de laatst vastgestelde waarde is.

Belastingsoort WOZ-Waarde Ons tarief Opbrengst Norm tarief Ink. Correctie Saldo
OZB eigenaren woningen 4.505.820.408 0,0735% 3.311.778 0,0690% 3.107.214 204.564
OZB eigenaren niet-woningen 878.760.638 0,2068% 1.817.277 0,2202% 1.934.592 -117.315
OZB gebruikers niet-woningen 813.380.924 0,1688% 1.372.987 0,1675% 1.362.494 10.493
6.502.042 6.404.300 97.742

 

De ramingen voor de baten OZB 2027 zijn als volgt:

 

Omschrijving 2027
Eigenaren woning 5.030.900
Eigenaren niet-woning 2.751.236
Gebruikers niet-woning 2.078.611

Afvalstoffenheffing

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Afvalstoffenheffing

De gemeente is verplicht om huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Op grond van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer wordt afvalstoffenheffing geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel waarvoor de gemeente verplicht is huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen.

Om de onttrekking uit de afvalvoorziening naar verwachting te voorkomen, stijgt in 2027 het tarief van eenpersoonshuishoudens van € 294,71 naar € 318,24 en het tarief van meerpersoonshuishoudens van € 369,49 naar € 399,-. Voor beide is dit een stijging met 8%. 

Rioolheffing

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Rioolheffing

Op grond van artikel 229 van de Gemeentewet wordt een rioolheffing geheven. In de raadsvergadering van 7 februari 2019 heeft de gemeenteraad besloten om vanaf 1 januari 2020 de rioolheffing te differentiëren. De differentiatie bestaat uit een afvalwater- en hemelwatercomponent. De afvalwaterheffing is een gebruikersheffing. De hemelwaterheffing is een eigenarenheffing. De hemelwaterheffing is een heffing met een vast bedrag van € 50 tot en met 2034. Doel van de differentiatie van de rioolheffing en het invoeren van de hemelwaterheffing is om bewoners en bedrijven mee te laten werken aan het klimaatbestendig maken van hun omgeving en goed gedrag te belonen in de vorm van een financieel voordeel. 

De rioolheffing bestaat vanaf 2020 uit een eigenarenheffing en een gebruikersheffing:

  1. Een vast bedrag voor afvalwater voor de gebruikers van percelen (woningen).
  2. Een gestaffeld bedrag voor afvalwater voor de gebruikers van percelen (niet-woningen).
  3. Een vast bedrag voor hemelwater voor de eigenaar van een perceel waarvan hemelwater in het vuilwater of gemengde riool wordt geloosd.

De tarieven van de rioolheffing worden zodanig vastgesteld dat de geraamde kosten niet boven de geraamde baten uitkomen. In Son en Breugel is 100% kostendekkendheid uitgangspunt voor de berekening van de tarieven. De noodzakelijke verbeteringen en vervangingen van het rioolstelsel zijn systematisch in beeld gebracht. De hieruit voortvloeiende lasten zijn opgenomen binnen de tariefberekeningen. Voornoemde verbeteringen en investeringen zijn opgenomen in het Programma Water en Riolering 2023-2027.

De rioolheffing stijgt met 3,2 %. De stijging is gelijk aan het inflatiecijfer. We houden de huidige koers vast. We blijven aandacht schenken aan maatregelen in het kader van klimaatverandering, want we staan nog steeds voor grote opgaves op het gebied van droogte en wateroverlast. Zij vormen belangrijke aandachtspunten waar we op blijven inzetten door het treffen van fysieke maatregelen. De financiële gevolgen vormen de basis voor het vaststellen van een kostendekkende rioolheffing.

Kostendekkendheid afvalstoffenheffing en rioolheffing

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Kostendekkendheid afvalstoffenheffing en rioolheffing

Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten zijn gemeenten verplicht inzichtelijk te maken hoe bij de berekening van tarieven van heffingen, die hoogstens kostendekkend mogen zijn, wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de ter zake geraamde lasten niet overschrijden, wat de beleidsuitgangspunten zijn die ten grondslag liggen aan deze berekeningen en hoe deze uitgangspunten bij de tariefstellingen worden gehanteerd.

Onderstaande overzichten geven per heffing de totale lasten, de totale baten en het dekkendheidspercentage weer.

 

Dekkendheid afvalstoffenheffing 2027
Afval taakveld 7.3
Lasten milieustraat 544.512
Lasten overige afvalstromen 1.950.455
Kapitaallasten 93.932
Mutatie voorziening -47.305
Totaal kosten afval taakveld 7.3 2.541.594
Toerekenbare kosten vanuit andere taakvelden
Overhead taakveld 0.4 171.099
Kwijtschelding taakveld 6.3 95.913
BTW taakveld 0.11* 480.452
Totaal toerekenbaar 747.464
Totaal lasten 3.289.058
Baten afvalstoffenheffing taakveld 7.3 2.873.963
Baten milieustraat 119.000
Baten overige afvalstromen 296.095
Baten totaal 3.289.058
Dekkendheidpercentage afval 100%

 

* De omzetbelasting rekenen we conform artikel 229B van de gemeentewet toe. Deze toerekening is het gevolg van de invoering van het BTW compensatiefonds in 2003. Vanaf dat moment werd de BTW compensabel en werd tegelijkertijd een uitname uit het gemeentefonds gedaan.

 

Dekkendheid rioolheffing 2027
Riolering taakveld 7.2
Beheer en onderhoud riolering 1.159.209
Kapitaallasten 371.898
Mutatie voorziening -391.384
Totaal kosten riolering taakveld 7.2 1.139.723
Toerekenbare kosten vanuit andere taakvelden
Overhead taakveld 0.4 248.641
Kwijtschelding taakveld 6.3 28.000
Straatreiniging taakveld 2.1 211.464
Watertaken taakveld 5.7 84.713
BTW taakveld 0.11 296.106
Totaal toerekenbaar 868.924
Totaal lasten 2.008.647
Opbrengst rioolheffing taakveld 7.2 2.008.647
Baten totaal 2.008.647
Dekkendheidpercentage riool 100%

 

* De omzetbelasting rekenen we conform artikel 229B van de gemeentewet toe. Deze toerekening is het gevolg van de invoering van het BTW compensatiefonds in 2003. Vanaf dat moment werd de BTW compensabel en werd tegelijkertijd een uitname uit het gemeentefonds gedaan.

Leges

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Leges

Wanneer de gemeente een bepaalde dienst levert, kunnen daarvoor leges worden geheven. De tarieven worden jaarlijks vastgesteld in de Tarieventabel behorende bij de Legesverordening. Net als riool- en afvalstoffenheffing moeten de tarieven dusdanig worden vastgesteld dat de geraamde baten niet boven de geraamde lasten uitkomen. De verschillende leges die we heffen, verhogen we in principe jaarlijks met de daarvoor geldende inflatiecorrectie. Bij de vaststelling van een aantal tarieven, zoals voor reisdocumenten, moeten we rekening houden met van rijkswege gestelde maximumtarieven.
Er mag geen winst gemaakt worden. Voor deze heffingen streven we naar een 100% kostendekkend tarief.

Kostendekkendheid leges
Op grond van het besluit van 5 maart 2016 in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) moeten gemeenten verplicht inzichtelijk maken dat de tarieven en heffingen hoogstens kostendekkend zijn. De geraamde baten mogen de geraamde lasten niet overschrijden.

Per hoofdstuk in de legesverordening wordt gestreefd naar maximale kostendekkendheid, ondanks dat jurisprudentie de legesverordening als één geheel ziet en dus de legesverordening als geheel maximaal kostendekkend moet zijn. Tussen afzonderlijke paragrafen binnen een hoofdstuk mag kruissubsidiëring worden toegepast. Opbrengsten uit leges van een bepaalde paragraaf, mogen kosten binnen een andere paragraaf compenseren.

In onderstaande overzichten zijn per hoofdstuk de totale baten, de totale lasten en het kostendekkendheidspercentage weergegeven. De lasten zijn uitgesplitst in salaris, overhead en directe lasten. Hierbij hebben we rekening gehouden met jurisprudentie over hetgeen wel en niet aan de leges mag worden toegerekend.

Baten Salaris Overhead Lasten Percentage
Hoofdstuk 1 Algemene Dienstverlening 451.314 414.834 350.825 170.685 48%
Hoofdstuk 2 Dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet 887.769 340.075 287.601 312.524 94%
Hoofdstuk 3 Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2 2.367 31.224 26.405 0 4%
Totaal 1.341.450 786.133 664.831 483.209 69%

Overige belastingen

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Overige belastingen

Marktgelden
Marktgelden heffen we van degene die een standplaats inneemt (of van degene aan wie een standplaats is toegewezen) op de wekelijkse warenmarkt.
Marktgelden zijn afhankelijk van het aantal strekkende meters frontlengte van de standplaats. We hebben het tarief verhoogd met de inflatiecorrectie (3,2%).

Precariorechten
In 2006 is de notitie “Terrassenbeleid Son en Breugel” vastgesteld. Conform deze notitie hebben we dit tarief verhoogd met de inflatiecorrectie (3,2%). 

Kwijtscheldingsbeleid

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Kwijtscheldingsbeleid

De gemeente is op grond van de Gemeentewet en Invorderingswet bevoegd kwijtschelding van gemeentelijke heffingen te verlenen. Met het oog op de administratieve lastenverlichting voor de inwoners toetsen wij bij het inlichtingenbureau als er eerder kwijtschelding is verleend of er geen belemmeringen zijn. Bij geen belemmering verlenen wij automatische kwijtschelding.

De kwijtscheldingsregels zijn vastgelegd in de Invorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. De gemeente heeft, als gevolg van artikel 255 van de Gemeentewet, slechts op 2 onderdelen beleidsvrijheid:

  • De raad kan bepalen dat er helemaal geen dan wel gedeeltelijke kwijtschelding wordt verleend.
  • De raad kan regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de kosten van bestaan in aanmerking worden genomen die er toe leiden dat in ruimere mate kwijtschelding wordt verleend.

Op grond van het laatste onderdeel heeft de gemeente gekozen voor het voor 100% meenemen van de kosten van bestaan. Het bestaande beleid wordt hiermee voortgezet. Inwoners kunnen kwijtschelding aanvragen voor de volgende heffingen:

  • onroerendezaakbelastingen;
  • afvalstoffenheffing;
  • rioolheffing.

 

Overzicht tarieven

Terug naar navigatie - Lokale heffingen - Overzicht tarieven
2025 2026 2027
OZB Eigenaar Woning 0,0786% 0,0735%
OZB Eigenaar Niet-woning 0,2054% 0,2068%
OZB Gebruiker Niet-woning 0,1677% 0,1688%
Afvalstoffenheffing 1-persoonshh 272,88 294,72 318,24
Afvalstoffenheffing meer-pers.hh 342,12 369,48 399,00
Reinigingsrechten 387,36 401,64 433,80
Rioolheffing woningen (afgekoppeld) 180,00 191,28 199,08
Rioolheffing woningen (niet-afgekoppeld) 230,00 241,28 249,08

Vergelijking buurgemeenten
In onderstaande tabel worden de eenheden gebruikt die het COELO toepast voor het bepalen van de woonlasten. Onderstaande tabel geeft inzicht in de gegevens over 2026 (afgerond op hele euro's).

 

Son en Breugel Nuenen Eindhoven Best Geldrop-Mierlo
OZB Eig. woning 0,0735% 0,0972% 0,0846% 0,0822% 0,0593%
OZB Eig. niet-woning 0,2068% 0,2382% 0,2985% 0,2671% 0,1880%
OZB Gebr. niet-won. 0,1688% 0,1911% 0,2120% 0,2077% 0,1527%
OZB woning 459 616 470 469 322
Afvalstoffenheffing (*) (meerpers.huishouden) 369 380 345 404 417
Rioolheffing 241 225 202 202 225
Woonlasten (OZB woning + Afval + Riool) 1.069 1.221 1.017 1.075 964

(*): Diftar gemeenten worden door het COELO berekend op basis van vastrecht plus een gemiddeld aantal ledigingen (18 maal een grijze container van 140 liter en 7 maal een groene container van 140 liter). De aantallen van het COELO zijn gebaseerd op een landelijk gemiddelde. In de meeste diftar gemeenten is het gemiddelde aantal ledigingen vaak lager (zie hieronder bij Ontwikkeling lokale lastendruk).

Ontwikkeling lokale lastendruk

Jaar 2025 2026
WOZ-waarde 487.500 541.000
Wijziging WOZ-waarde 7,10% 11,00%
OZB 383 397
Afvalstoffenheffing (meerpersoons) 342 369 399
Rioolheffing (afvalwater) 180 191 199
Rioolheffing (hemelwater) (#) 50 50 50
Totaal 955 1.007
% wijziging lasten t.o.v. t-1 6,70% 5,40%


#): Vanaf 2020 is de rioolheffing gedifferentieerd. Het hemelwater tarief wordt opgelegd aan eigenaren van objecten die niet zijn afgekoppeld. Wanneer er vanaf een perceel geen hemelwater wordt geloosd op het gemengde rioolstelsel wordt deze belasting niet geheven. Op deze manier hebben eigenaren zelf invloed op de totale lastendruk.
##) De totale lastendruk 2026 is niet gelijk aan de totale lastendruk 2026 in het rapport van COELO hierboven. Dit komt omdat COELO om een landelijke vergelijking te kunnen maken van andere gemiddelde WOZ-waarden bij OZB en andere gemiddelde aantal ledigingen bij afvalstoffenheffing uitgaat.