1.In de Kadernota 2027 is aangegeven dat voor zowel Wmo als voor de jeugdzorg een structurele toename wordt verwacht. Voor de Wmo is de verklaring tweeledig: de dubbele vergrijzing zet door waardoor er meer vraag is naar huishoudelijke hulp, hulpmiddelen, dagbesteding, vervoer en woningaanpassingen. Verder zien we dat de vraag naar individuele begeleiding toeneemt doordat er meer inwoners zijn die door eigen problematiek hulp nodig hebben ten aanzien van zelfredzaamheid en het deelnemen aan de maatschappij. Bij de jeugdhulp wordt de toename veroorzaakt door een stijgende vraag naar professionele hulp voor jeugdigen en een blijvende toename van complexe problematiek in gezinnen. Lokaal zetten we sinds 2025 in op maatregelen waarvan wordt verwacht dat dit de groei van de uitgaven gaat remmen in de komende jaren.
2. Voor de herijking van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) onderwijs is extra budget nodig om hiermee in 2027 te starten. Het huidige IHP bestrijkt de jaren 2024–2028 en dient conform de vierjaarlijkse cyclus te worden geactualiseerd. Voor de uitvoering van deze herijking wordt een extern adviesbureau ingeschakeld. Dit bureau krijgt de opdracht om, in samenwerking met de betrokken onderwijsinstellingen, kinderopvangorganisaties en de gemeente, het IHP te actualiseren en te komen tot een toekomstbestendig en integraal onderbouwd huisvestingsplan voor het onderwijs. Daarnaast stelt ook de wet vanaf 2027 eisen aan het IHP.
3. In 2023 is besloten om structureel bij te dragen aan de Praktijkondersteuner Huisartsenzorg (POH Jeugd. Deze POH ondersteunt en begeleidt kinderen met hulpvragen. Dit leidt tot verlichting bij het CMD en het zorgt ervoor dat kinderen minder vaak geïndiceerde jeugdhulp nodig hebben. In de Hervormingsagenda Jeugd is afgesproken met gemeenten om POH's Jeugd in te zetten. De POH Jeugd voor de helft vergoed door de zorgverzekeraar en voor de andere helft door de gemeente. Vooralsnog blijft dit zo, maar er zijn signalen vanuit de zorgverzekeraars dat ze deze vergoeding volledig bij gemeenten willen neerleggen. De huidige middelen zijn structureel ontoereikend zodat een extra budget nodig is van € 35.000,-.
4. De begroting van de GR Een 10 voor de jeugd is vastgesteld. Dit leidt tot een hogere bijdrage van circa € 50.000,-.
5. In 2024 is gestart met de inzet van een Wijk-GGD'ers samen met de gemeente Nuenen. Deze professionals werken outreachend en ondersteunen inwoners met onbegrepen gedrag. Dit zorgt voor een betere begeleiding van deze inwoners en het voorkomt overlastmeldingen. We hebben voor twee jaar subsidie ontvangen van ZonMw. Deze loopt in begin 2027 af. De aanpak willen we structureel borgen.
6. Bij WSD worden vanuit positieve jaarresultaten middelen gereserveerd voor Son en Breugel in de 'Algemene Gemeentelijke Reserve (AGR)'. We laten het opgebouwde vrij besteedbare saldo in 2027 uitkeren en ontvangen daarna jaarlijks het vrij besteedbare deel van de toevoegingen. Dit levert naar verwachting € 85.000,- op in 2027 en € 35.000,- per jaar vanaf 2028.
7. Door een groot deel van de leerlingen die nu gebruik maken van leerlingenvervoer te trainen om zelf met OV of fiets naar school te gaan, is minder leerlingenvervoer nodig.
8. Een jeugdige inwoner die een diploma behaalt voor aantoonbare zwemvaardigheid (op het niveau van zwemdiploma B) ontvangt hiervoor een subsidie van € 100,-. Door deze regeling af te schaffen, wordt er € 20.000,- bespaard. Voor wie dat nodig heeft handhaven we de ondersteuning van de bekostiging van zwemlessen via Stichting Leergeld.
9. Binnen het uitvoeringsbudget voor het armoedebeleid is er op jaarbasis € 10.000,- vrijgemaakt voor financiële vergoedingen vanuit het sociaal noodfonds. Hiermee kunnen inwoners in een noodsituatie worden geholpen. De afgelopen jaren is hiervoor een bedrag van minder dan 5.000 euro aangewend waardoor verlaging van dit bedrag in de begroting is gerechtvaardigd.
10. De huidige Re-integratieverordening Participatiewet kent een eenmalige uitstroompremie van € 1.000,- Deze premie dient als stimulering voor uitstroom naar werk. Er is geen wettelijk minimum voor de uitstroompremie. Door de premie te verlagen wordt € 5.000,- bespaard.
11. en 12. Er is wel groepsaanbod, echter wordt er om diverse redenen vaak naar de duurdere vorm van individuele begeleiding verwezen. Vanaf 2027 zouden we de nieuwe cliënten alleen nog naar groepsbegeleiding kunnen verwijzen, tenzij dit echt niet gewenst is. Kinderen kunnen in een groep veel van elkaar leren en ervaren dat er gelijken zijn.
13. Vaktherapie is een niet bewezen therapie, waar kinderen baat bij kunnen hebben. Dit is fijn, maar geen jeugdhulp.
14. In Son en Breugel wordt er vanuit de gemeenschap al heel veel voor oudere inwoners georganiseerd, het is daarom mogelijk de subsidie aan de LEV- groep voor hun activiteiten in het kader van ouderen af te bouwen.
15. Door dyslexie begeleiding van individueel naar groepsbegeleiding te gaan geven kan hier € 100.000,- op worden bespaard.
16. We hebben in Son en Breugel te maken met een aantal dure casussen die via een Gecertificeerde Instelling worden geïndiceerd. Door te investeren in een deskundige consulent die zich voornamelijk bezighoudt met deze casussen kan een besparing worden gerealiseerd. Dus de investering in een specialist verdient zichzelf terug. Een specialist van € 100.000,- levert € 200.000,- op.