Meer
Publicatiedatum: 14-11-2018

Inhoud

Programma onderdelen

Collegeprogramma 2018-2022

"Samen bouwen een een mooier Son en Breugel"

"Samen bouwen aan een mooier Son en Breugel"

Inleiding

De samenleving verandert continue. Voor de een kunnen de veranderingen niet snel genoeg gaan, voor de ander gaan de veranderingen te snel. Als gemeentebestuur is het belangrijk om aan te blijven sluiten bij de steeds veranderende maatschappij.

In de bestuursperiode 2018-2022 komt weer een aantal grote maatschappelijke uitdagingen af op de gemeente. Het is van groot belang dat binnen die veranderende maatschappij onze inwoners graag wonen en leven in Son en Breugel en dat bedrijven zich hier kunnen blijven ontwikkelen. Besturen gaat over mensen, over onze samenleving. Wat we in het gemeentehuis, veelal samen met betrokkenen, bedenken, bediscussiëren en uitvoeren, heeft als doel die samenleving aantrekkelijker, mooier, beter of robuuster te maken. Het gaat om het effect buiten het gemeentehuis. Het maatschappelijk effect.

In deze bestuursperiode gaan we dan ook sturen op maatschappelijke effecten. Wat is het effect van ons beleid of van een besluit? Wat willen we ermee bereiken? Dat je makkelijk op de fiets naar het centrum kunt. Dat je lang thuis kunt blijven wonen. Dat er voorzieningen in het dorp zijn voor iedereen. We sturen op dat wat we samen belangrijk vinden voor ons dorp.

Het “hoe” vullen we samen in. Samen met de raad, met de verenigingen, organisaties en bedrijven, en natuurlijk met onze inwoners. Ieder proces kent haar eigen vorm. Dat gaan we de komende periode samen uitzoeken. We gaan experimenteren met vormen van participatie. Dat vraagt veel van onze organisatie, die ook inspeelt op deze andere manier van werken en daarin haar eigen proces doorloopt. Ook de raad gaat in de komende periode hiervoor zijn eigen proces doorlopen.

In juni 2018 is het coalitieakkoord voor deze periode gepresenteerd. Dit akkoord legt de nadruk op aantrekkelijke, levendige centra in Son en Breugel, op zorg en ondersteuning voor onze inwoners, op voldoende betaalbare woningbouw, vooral voor onze jongeren en senioren, op mobiliteitsvraagstukken en op de duurzaamheidsagenda. Het akkoord is vertaald in de begroting 2019-2022.

Daarnaast heeft het college er voor gekozen om op een aantal focusgebieden te gaan experimenteren met nieuwe vormen van participatie. Het college heeft gekozen voor de focusgebieden
Breugel Bruist!, Centrum Son – Dorpshuis, Duurzaamheid – Energietransitie, Mobiliteit - Veiligheid in het verkeer, Nulde lijn samenleving - Wonen, welzijn en zorg, Regionale Samenwerking en Veiligheid. Daarnaast leggen we de komende periode in het bijzonder de focus op Burgerparticipatie.

Dit collegeprogramma is een ontdekkingstocht, vormgegeven als een groeidocument dat we iedere keer bij de kadernota en de begroting in een bijgewerkte, actuele versie aan u gaan voorleggen.
De komende periode leren we samen met de raad, hoe burgerparticipatie vorm gaat krijgen in onze gemeente. Soms maken we daarin de juiste keuzes, soms ook niet. Daar leren we samen van. We leren dezelfde taal te spreken en de situaties en de momenten te herkennen waarin we welke vormen kunnen toepassen. Samen groeien we toe naar de organisatie die we willen zijn.

In de volgende hoofdstukken worden de acht focusgebieden verder uitgewerkt. Voor ieder focusgebied zijn de maatschappelijke effecten benoemd, is er een eerste stakeholder inventarisatie gemaakt, is het beoogde proces beschreven en zijn er globale tijdsplanningen inzichtelijk gemaakt. Daarnaast is bij de financiën per focusgebied de link met de begroting zichtbaar gemaakt.

Het college van burgemeester en wethouders ziet uit naar het proces dat zij de komende periode samen met de raad, de organisatie maar vooral ook met de gemeenschap Son en Breugel gaat doorlopen.

Breugel bruist!

Project en programma
Breugel Bruist!
Programma 10: Ruimtelijke inrichting
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
Breugel Bruist! – Breugel ·         Aantrekkelijk woon- en verblijfsgebied ·         Gemeenteraad
centrum ·         Levendig dorpshart ·         Omwonenden/inwoners
·         Aantrekkelijk binnen- en buitensportklimaat ·         Verenigingen (sport en cultuur)
·         Scholen
·         Middenstand/bedrijven
·         Woningcorporatie
·         Belangenverenigingen
Kortom:
Een bruisend dorpshart:
"Breugel Bruist!"
Samenwerkingsproces
Inleiding
Voor de ontwikkeling van het centrum van Breugel is eerder een visie en een uitvoeringsprogramma vastgesteld. Samen met de bevolking en stakeholders is in de visie en het uitvoeringsprogramma al vele jaren energie gestoken. Ze bevatten veel goede elementen die draagvlak hebben.
In het coalitieakkoord zijn enkele uitgangspunten opgenomen voor de ontwikkeling van Breugel.
Het is nu zaak te komen tot een zo breed mogelijk gedragen plan en dat in samenspraak met stakeholders tot uitvoering te brengen.
In de communicatie zullen we steeds "in the lead" zijn en op regelmatige basis de inwoners (inclusief de stakeholders) voorzien van de laatste informatie.
Uiteindelijk ligt de besluitvormende rol bij de gemeenteraad.
Proces
Stap 1: Gezamenlijk beeld bepalen
Het is noodzakelijk om samen met de commissies burgerzaken en grondgebiedzaken de beelden op een rij te zetten en te komen tot een zo breed mogelijk (politiek) gedragen opdracht voor het vervolg.
Hierbij worden beschikbare plannen besproken, overeenkomsten vastgesteld en tegenstellingen bediscussieerd. De eerder geboden oplossingen en de nu heersende ideeën worden met elkaar gedeeld, besproken en uitgewerkt tot één gezamenlijk beeld; “Wat willen we samen bereiken!”. Wat kan van de bestaande plannen – gezien ook de uitgangspunten in het coalitieakkoord - onverkort tot uitvoering worden gebracht, wat vraagt om bijstelling en wat moet echt anders?
Parallel wordt met de stakeholders gesproken en nagegaan waar zij staan in het proces. Hierbij hoort ook het hernieuwd afstemmen van de wederzijdse ambitie en verwachtingen. De inbreng van de stakeholders wordt steeds afgewogen ten opzichte van de bestaande plannen en de uitgangspunten van het coalitieakkoord.
Stap 2: Hoe komen we tot resultaat: planvorming / uitvoeringsprogramma
Op basis van het gezamenlijk beeld bepalen we in samenspraak met de stakeholders welke stappen er gezet moeten worden, waar de risico’s liggen en wat nodig is om te komen tot het gewenste resultaat. In deze stap brengen we ook een eventueel noodzakelijke prioritering aan. Stap 2 leidt tot een uitvoeringsprogramma.
Stap 3: Besluitvorming en kredietvotering gemeenteraad
Het opgestelde programma wordt voorgelegd aan de gemeenteraad ter besluitvorming en voor de votering van de benodigde middelen.
Stap 4: Uitvoering en oplevering
Wij zullen het programma leiden (initiëren); de betreffende stakeholders zullen per programmaonderdeel nauw betrokken worden. De raad/raadscommissies worden op regelmatige basis geïnformeerd over de voortgang. Aan het einde van het programma / een programmaonderdeel zal steeds een oplevering plaatsvinden aan de gebruiker/beheerder/ondernemer/schoolbestuur en aan de raad.
Termijn/periode Budget/globale opgave
Stap 1 Programma 10: Ruimtelijke inrichting
·         November 2018:
Bijeenkomst met raadscommissies Totaal verwachtte kosten:
Bijeenkomst (betrokken) stakeholders +/- € 11.500.000,- excl. btw
·         December 2018- januari 2019: Besluitvorming
·         Q1/Q2-2019: Uitwerking plannen De kosten zullen te zijner tijd deels vallen binnen de nog op te stellen GREX
Stap 2-3
·         Q3-2019: Besluitvorming over uitvoeringsprogramma en voorbereiding t.b.v. uitvoering
Stap 4
·         Q4-2019 e.v.: Uitvoering
Hierbij wel rekening houden met wijzigen
van bestemmingsplannen.
Opmerking: Zaken die onafhankelijk kunnen worden uitgevoerd, worden eerder opgepakt indien gewenst en mogelijk.

Centrum Son - Dorpshuis

Project en programma
Centrum Son – Dorpshuis
Programma 10: Ruimtelijke inrichting
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
Centrum Son - Dorpshuis ·         Aantrekkelijk verblijfsgebied ·         Gemeenteraad
·         Levendig dorpshart ·         Omwonenden/inwoners
·         Aantrekkelijk winkelgebied ·         Verenigingen (cultuur, recreatie). O.a.:
o    Harmonie
o    Bibliotheek
o    ZuidZorg
o    CMD
·         Middenstand/bedrijven
·         Belangenverenigingen
Samenwerkingsproces
Inleiding
Gelet op het coalitieakkoord doen wij, als grootste eigenaar van grond en gebouwen (kerk, bibliotheek en Vestzaktheater), allereerst onderzoek naar de staat van het voormalige kerkgebouw. Dit gebouw is beeldbepalend in het centrum en verdere ontwikkelingen hangen af van de mate waarin het gebouw hergebruikt kan worden.
In de vervolgstappen gericht op gebruik van het kerkgebouw, brengen wij de stakeholders bij elkaar en begeleiden we het proces om te komen tot overeenstemming. Hierbij zal de inbreng van de stakeholders steeds afgewogen worden ten opzichte van de bestaande plannen en het coalitieakkoord.
Na besluitvorming door de gemeenteraad zullen wij als initiator invulling geven aan de uitvoering, te beginnen met het maken van een plan voor het dorpshuis.
In de communicatie zullen we steeds "in the lead" zijn en op regelmatige basis de inwoners (inclusief de stakeholders) voorzien van de laatste informatie.
Uiteindelijk ligt de besluitvormende rol bij de gemeenteraad.
Proces
Stap 1: Technische/bouwkundige staat van voormalig kerkgebouw bepalen
Hiervoor is een onderzoek opgestart waarvan de uitkomsten in oktober 2018 verwacht worden.
NB Het vervolg van dit document gaat in op het dorpshuis. Dit heeft de hoogste prioriteit en de overige ‘centrum zaken’ komen later, omdat deze sterk afhankelijk zijn van de keuzes die gemaakt worden in het kader van het dorpshuis.
Stap 2: Beeld bepalen
Het is noodzakelijk om samen met de commissie/raad aan de hand van het onderzoek de beelden op een rij te zetten en te komen tot zo breed mogelijk (politiek) gedragen opdracht voor het vervolg.
Het vervolg zal erop gericht zijn binnen de bouwkundige mogelijkheden de mogelijkheden van gebruik van het gebouw in beeld te brengen en hiervoor een deskundige partij in te schakelen.
Stap 3: Stakeholders
Stap 3 loopt grotendeels parallel aan stap 2 en is er op gericht om met stakeholders die eerder betrokken waren te praten en na te gaan waar zij staan in het proces, gezien het onderzoek bij stap 1. Hierbij hoort ook het hernieuwd afstemmen van de wederzijdse ambitie en verwachtingen.
Stap 4: Komen tot een gezamenlijk beeld (uitkomst bespreken met raad/raadscommissie)
Samen met de stakeholders brengen we in beeld wat we willen bereiken: één aanpak en een helder beeld van uitvoering en gebruik.
Stap 5: Hoe komen we tot resultaat (uitkomst bespreken met raad/raadscommissie)
Op basis van het gezamenlijk beeld bepalen we welke stappen er gezet moeten worden, waar de risico’s liggen en wat nodig is om te komen tot het gewenste resultaat. In deze stap brengen we ook een eventueel noodzakelijke prioritering aan. De raad/raadscommissies worden nauw betrokken bij deze stap en bijbehorende besluitvorming.
Stap 6: Besluitvorming en kredietvotering gemeenteraad
Het opgestelde plan wordt verder uitgewerkt tot een definitief ontwerp en wordt voorgelegd aan de gemeenteraad ter besluitvorming en voor de votering van de benodigde middelen.
Stap 7: Uitvoering
Wij zullen het project verder leiden en de stakeholders worden nauw betrokken. De raad/raadscommissies worden op regelmatige basis geïnformeerd over de voortgang.
Stap 8: Oplevering
Aan het einde van het project zal een oplevering plaatsvinden aan de gebruiker/beheerder/ ondernemer en aan de raad.
Termijn/periode Budget/globale opgave
Stap 1 – Stap 3 Programma 10: Ruimtelijke inrichting
·         December 2018: Uitkomsten worden gedeeld met raad/raadscommissie
Stap 4 – Stap 6 Totaal verwachtte kosten: nog geen concrete gegevens beschikbaar. Advies is tot nader orde de kosten zoals eerder geraamd te hanteren.
·         Q1/Q2 - 2019: Plan wordt uitgewerkt (ontwerpfases)
·         Besluitvorming Raad en kredietvotering Eerder (16.17502) is een eerste opgave gemaakt voor het MFA. De voorgecalculeerde stichtingskosten waren toen begroot op
·         Q3/Q4 - 2019: Aanbesteding definitief ontwerp € 5.500.000,- excl. btw.
Stap 7
·         Q1 - 2020: Start bouw Hierbij wel rekening houden met wijzigen van bestemmingsplannen. NB De prijzen in de markt zijn sterk gestegen t.o.v. deze opgave en de interne uren maken hier nog geen onderdeel van uit.
Stap 8
·         Q2/Q4 - 2021: Het dorpshuis kan worden opgeleverd De kosten zullen deels vallen binnen de GREX-centrum

Duurzaamheid - Energietransitie

Project en programma
Duurzaamheid - Energietransitie
Programma 9: Duurzaamheid
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
Duurzaamheid - Energietransitie ·         Iedereen is zich bewust van zijn/haar invloed op het klimaat en handelt hiernaar ·         Inwoners
·         Basisscholen
·         Bedrijven
·         Middenstand
·         Verenigingen
·         Ondernemingsverenigingen
·         SonenbreugelVerbindt
·         SonEnergie
·         IVN
·         Buurkracht
·         Enexis
·         Enpuls
·         Provincie
·         Rijksoverheid
·         MRE
·         Gemeenteraad
·         Kennisinstellingen (TUE, WUR, Fontys, etc.)
·         Enzovoort
Het betreft een integraal maatschappelijk effect waar per doelgroep afgeleide maatschappelijke effecten zoals ‘Alle inwoners wonen in een warm en duurzaam huis waarbij geen gebruik wordt gemaakt van fosiele brandstoffen’ ondervallen.
Samenwerkingsproces
Inleiding
In 2016 heeft de gemeenteraad unaniem ingestemd met de beleidsnota Duurzaamheid
2016-2020. Wij willen de komende jaren werk maken van de realisatie van de ambitieuze doelen die de raad heeft vastgesteld. Dit is vertaald in Programma 9 van de begroting. Binnen het programma Duurzaamheid is ‘energietransitie’ benoemd als focusgebied.
Son en Breugel wil voorlopen om de klimaatdoelstellingen van het Energieakkoord en het Parijsakkoord te behalen door in 2030 een klimaat neutrale gemeenschap te zijn. Die doelstellingen zijn er niet voor niets, want doorgaan op de bestaande weg betekent dat de aarde zich niet meer kan herstellen van wat wij aanrichten. Dat leidt op termijn tot onherstelbare schade van het ecosysteem door opwarming van de aarde, stijging van de zeespiegel en vernietiging van leefomgeving.
In het beleidsprogramma en de begroting is aangegeven dat we in staat zijn om maatregelen te nemen om de energietransitie op gang te brengen. Dit vraagt een enorme verandering, doordat het gebruik van brandstoffen vermeden moet worden en iedereen op duurzame energiebronnen moet overstappen.
Het proces energietransitie is begonnen met het inzichtelijk maken van de totale gemeentelijke opgave en het benoemen van de belangrijkste veroorzakers (gebouwde omgeving, bedrijven en mobiliteit). Dit is inzichtelijk gemaakt in de CO2 Quickscan die de basis vormt voor het duurzaamheidsbeleid en die is vertaald in de klimaatbegroting.
Parallel is gestart met de bewustwordingscampagne “Wat we doen is groen”. De CO2 Quickscan laat zien dat de opgave groot is en dat regionale en nationale samenwerking tussen allerlei partijen noodzakelijk is om de doelstellingen te bereiken. Dat gaat leiden tot een lokale visie op onze opgave die als bouwsteen dient voor de Regionale Energie Strategie die in MRE verband medio 2019 moet worden opgeleverd.
De energietransitie is complex omdat er veel verschillende partijen zijn die allen een eigen belang, motivatie en eigen verantwoordelijkheid hebben en een eigen proces moeten doorlopen.
Proces
Stap 1: Inzicht in de opgave en de verschillende veroorzakers
Om inzicht te krijgen in de opgave zijn onderstaande documenten opgesteld of worden op korte termijn opgesteld:
·         Duurzaamheidsbeleid / CO2 Quickscan (2016 met ieder jaar een update)
·         Klimaatbegroting (ieder jaar)
·         Regionale Energie Strategie (2021)
·         Energievisie (2018/2019))
Stap 2. Bewustwordingscampagne “Wat we doen is groen!”
Om alle stakeholders bewust te maken van duurzaamheid en de opgave die duidelijk is geworden bij stap 1, is een bewustwordingscampagne gestart. De campagne is zo ingestoken dat het een campagne vanuit de samenleving is die de gemeente stimuleert en waar iedereen gebruik van kan maken. Hiermee wordt samenhang tussen bijv. de initiatieven vanuit SonEnergie, SonenbreugelVerbindt, woningcorporatie ‘thuis, gemeente en individuele inwoners en verenigingen vormgegeven.
Stap 3: Initiëren en uitvoeren van verschillende projecten
Per doelgroep (bedrijven, inwoners, verenigingen, gemeenteraad etc.) zijn verschillende projecten geïnitieerd waarbij de verschillende stakeholders zijn gedefinieerd. De inhoud en de werkwijze van de projecten staan niet vast en worden samen met de stakeholders vormgegeven. Ook de rol van de gemeente staat niet vast: faciliterend, stimulerend of leidend.
Samen met de stakeholders worden ook steeds nieuwe projecten geïnitieerd.
Voorbeeld is de aanpak op Ekkersrijt waar samen met RVO, de WUR, de BOM, gemeenten en bedrijven wordt gekeken hoe Ekkersrijt verduurzaamd kan worden. Hierbij staat de samenwerking tussen bedrijven, overheid en eventuele andere partijen centraal en niet het daadwerkelijke resultaat, want dat moet gezamenlijk nog worden bepaald.
Een ander voorbeeld is de samenwerking tussen woningcorporatie ‘thuis en SonenbreugelVerbindt. SonenbreugelVerbindt brengt het zonnepanelenproject van ‘thuis extra onder de aandacht bij huurders door deur-aan-deur te gaan om laagdrempelig uit te leggen wat nu de echte voordelen van het aanbod voor de huurders zijn.
SonEnergie en SonenbreugelVerbindt zijn prachtige lokale initiatieven die versterkt kunnen worden met Buurkracht, dat veel ervaring met inwonersparticipatie. Het doel is inwoners te helpen om zelf initiatieven te ontplooien en realiseren.
Per doelgroep zijn verschillende werkgroepen organisch ontstaan en worden waar nodig aanpassingen gedaan.
Programmamanagement
Alle projecten worden gemonitord vanuit de bestaande programmastructuur waarbij de prioriteit wordt bepaald en wordt vastgelegd wat er nodig is om het project te laten slagen. Dit is afhankelijk van het eigenaarschap, de bevoegdheden, de stakeholders en het al dan niet beschikbaar zijn van budget. We overwegen om een klankbordgroep samen te stellen bestaande uit een afvaardiging van de stakeholders die periodiek feedback geven op het programmamanagement. Alternatief is om een stuurgroep te formeren met een politieke en ambtelijke afvaardiging aangevuld met een beperkt aantal stakeholders.
Jaarlijks worden de nieuwe projecten waarvoor aanvullend of nieuw budget noodzakelijk is aangedragen in de kadernota, waarna ze worden verwerkt in de klimaatbegroting. Verantwoording vindt plaats via de jaarrekening.
We stellen voor om met een vertegenwoordiging van de gemeenteraad periodiek van gedachten te wisselen over de diverse onderwerpen, waarbij de agenda verbreedt kan worden naar het hele duurzaamheidsprogramma, met naast de Energietransitie ook de afvalinzameling en dossiers zoals gezondheid en Eindhoven Airport.
Nieuwe projecten worden bij hoge prioriteit –indien noodzakelijk- versneld voorgelegd aan de gemeenteraad.
Communicatie wordt altijd in lijn met de campagne “Wat we doen is groen!” uitgevoerd.
Fasen
Bij alle projecten worden in grote lijnen de volgende fasen gehanteerd.
·         Initiatiefase: hierbij zijn de stakeholders essentieel
·         Definitiefase: deze wordt bepaald door de eigenaar van het project en dat is dus niet altijd de gemeente
·         Ontwerpfase: samen met de stakeholders
·         Voorbereidingsfase
·         Realisatiefase
·         Nazorgfase
Termijn/periode Budget/globale opgave
Continue Zie begroting
Planning & Control cyclus

Mobiliteit - Veiligheid in het verkeer

Project en programma
Mobiliteit - Veiligheid in het verkeer
Programma 4: Verkeer en Vervoer
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
Mobiliteit - Veiligheid in het verkeer ·         Verkeersdeelnemers voelen zich veilig in het verkeer ·         Inwoners
·         Ouders laten hun kinderen alleen naar school fietsen ·         Omwonenden
·         Inwoners voelen zich prettig en thuis in hun (woon)-omgeving ·         Scholen
·         Iedereen kan de voorzieningen in Son en Breugel makkelijk bereiken ·         Bedrijven/middenstand
·         Belangenverenigingen (o.a. Fietsersbond, Gehandicaptenplatform etc.)
·         Gemeenteraad
Samenwerkingsproces
Inleiding
We streven naar een verschuiving van autogebruik naar fietsgebruik. We willen dat Son en Breugel een fietsvriendelijk dorp is, waar het aantrekkelijk is de fiets te pakken. Verkeersdeelnemers, met in het bijzonder de fietsers, moeten zich in de openbare ruimte veilig voelen en op een prettige manier aan het verkeer deel kunnen nemen.
Hiervoor gaan we een fietsvisie opstellen. Daar is voor nodig: een goed geregisseerd samenspel, deskundige begeleiding en de inzet van stakeholders en inwoners, in de vorm van een brede klankbordgroep. Deze klankbordgroep heeft tot taak met ons over het dorpsbrede beeld en de visie te sparren.
Het proces om te komen tot een fietsvisie start met een heldere definitie van wat dat nou precies inhoudt, je veilig voelen in het verkeer. We realiseren ons hierbij dat het veiligheidsgevoel veelal een subjectief begrip is. We zullen samen met de stakeholders een proces doorlopen om vanuit die definitie en de huidige situatie, tot een gewenste situatie te komen (zie de genoemde maatschappelijke effecten). Belangrijk voor het proces en het uiteindelijke draagvlak is dat we de (abstracte) visie vertalen naar concrete acties waarin de brede klankbordgroep en de inwoners zich herkennen.
Proces
Stap 1: Selecteren en contracteren deskundige begeleiding
De eerste stap voeren we intern uit. We bepalen aan welke criteria de deskundige begeleiding moet voldoen en hoe we deze competenties contracteren. Het resultaat van deze stap is dat we een deskundige begeleider gecontracteerd hebben.
Voor het proces zijn aanvullende middelen nodig die bij de begrotingsbehandeling worden ingebracht. We starten met dit proces na goedkeuring van de begroting 2019.
Stap 2: Stakeholders
Tijdens deze stap bepalen we met de deskundige begeleider welke stakeholders in de brede klankbordgroep van belang zijn. We streven naar een groep van rond de 8 tot maximaal 10 personen (in verband met effectief functioneren). Na het selectieproces worden vanuit de organisatie de diverse personen/groepen benaderd met de vraag of zij een bijdrage willen leveren.
Stap 3: Gedeeld beeld verkrijgen
Vanaf stap 3 is het nog niet duidelijk hoe het proces er precies uit gaat zien. De visie van de van de klankbordgroep is daarbij immers van belang.
Het resultaat van deze stap moet in ieder geval zijn dat er een gedeeld beeld is bij veiligheid in het verkeer. Op voorhand vinden we de volgende onderwerpen belangrijk: objectieve en subjectieve veiligheid, bereikbaarheid, faciliteren e-bikes, fietsparkeren, oplossen van knelpunten en goede openbare verlichting. Deze opsomming is niet volledig of heilig. Het is een eerste denkrichting waarmee we met de klankbordgroep aan de gang gaan.
Stap 4: Bepalen van de huidige situatie
Zodra er een gedeeld beeld is, gaan we met de klankbordgroep bepalen welke locaties of situaties in ons dorp niet met dit beeld overeenkomen. Dit kan op basis van ervaringen, monitoren, meten en/of beoordelen uitgevoerd worden. Deze afronding van de beeldvormende fase is ook het eerste natuurlijke moment om de commissie grondgebiedzaken te betrekken.
Stap 5: Bepalen wat er nodig (gewenste situatie) en prioritering (oordeelsvorming)
Nu in beeld is welke locaties of situaties niet aan het uitgangspunt voldoen, kan bepaald worden wat ervoor nodig is om een en ander in overeenstemming te brengen. Belangrijk hierbij is dat de voorstellen uitvoerbaar, verkeerskundig verantwoord en financieel vertaald zijn. Ook de integraliteit met de andere focusgebieden en taakvelden (zoals komen tot win-win-situaties) is essentieel.
Het resultaat is dat we met elkaar helder hebben wat we willen bereiken en wat er moet gebeuren om Son en Breugel een veilig en aantrekkelijk fietsdorp te maken. Dit is vertaald in concrete maatregelen met bijbehorend kostenplaatje. Bij de uitvoering daarvan worden de direct belanghebbenden betrokken. De verbetervoorstellen kunnen waarschijnlijk niet (allemaal) binnen de bestaande budgetten en tegelijkertijd uitgevoerd worden. We maken daarom in het uitvoeringsplan een prioritering in tijd en geld. In financieel opzicht kleine verbetermaatregelen worden zo snel mogelijk aangepakt.
Stap 6: Besluitvorming; vaststelling stuk en kredietvotering gemeenteraad
Visie en uitvoeringsplan worden voorgelegd aan de raad ter vaststelling en om de nodige middelen beschikbaar te stellen.
Termijn/periode Budget/globale opgave
Stap 1 en 2 Op basis van ervaring en de doorlooptijd van het traject worden de volgende proces/voorbereidingskosten verwacht. Omdat de uitkomst bij een proces niet op voorhand duidelijk is moet hierbij de kanttekening worden gemaakt dat het een eerste inschatting is en zeker geen gedetailleerde raming.
·         Q1/Q2 - 2019
Stap 3 ·         Procesbegeleiding incl. rapportage:
·         Q3 - 2019 € 20.000,-
Stap 4 ·         Uitwerken/ramen verbetervoorstellen:
·         Q2/Q3 - 2019 € 10.000,-
Stap 5 ·         Opstellen uitvoeringsplan:
·         Q3 - 2019 / Q1 - 2020 € 5.000,-
Stap 6 ·         Interne kosten (staat B, faciliteiten):
·         Q1 - 2020 € 35.000,-

Nulde lijn samenleving - Wonen, welzijn en zorg

Project en programma
Nulde lijn samenleving - Wonen, welzijn en zorg
Programma 8: Zorg en Welzijn
Programma 10: Ruimtelijke inrichting
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
Nulde lijn samenleving - ·         Iedereen kan meedoen ·         Inwoners/ omwonenden
Wonen, welzijn en zorg ·         Inwoners ontmoeten elkaar ·         Doelgroepen en belangenorganisaties
·         Inwoners ondersteunen elkaar ·         Maatschappelijke partners
·         Een levendig, groen en vitaal dorp ·         Woningcorporaties
·         (Project)Ontwikkelaars
·         Zorgaanbieders
·         Financiers
·         Interne vakdisciplines
·         SGE/ regio
·         Provincie
·         Gemeenteraad
Samenwerkingsproces
Inleiding
We streven naar een gemeenschap waar iedereen deel van uit kan maken en mee kan doen. Waarbij inwoners elkaar ook kunnen ondersteunen. Op zorg en welzijn worden al stevige investeringen gedaan. Echter, een stevige nulde lijn start met de juiste keuzes op het gebied van de beschikbare capaciteit voor wonen. Zowel voor de nog te realiseren beschikbare locaties als ook binnen de bestaande woningvoorraad.
Immers, wonen is een primaire levensbehoefte en is niet voor niets verankerd in de Grondwet (artikel 22, lid 2, Bevordering van voldoende woongelegenheid is voorwerp van zorg der overheid). Wonen staat echter niet op zich zelf. Wonen kent vele relaties met o.a. werkgelegenheid, onderwijs, welzijn en zorg. Daarom vraagt wonen om een integrale benadering. Uitgangspunt is dat een ieder gelijke en volwaardige kansen op de woningmarkt krijgt, afhankelijk van zijn/haar persoonlijke omstandigheden en behoeften. De gemeenschap bestaat steeds meer uit individuen die op zich zelf zijn aangewezen. De toenemende gezinsverdunning en vergrijzing hebben ook tot gevolg dat mensen vaker eenzaam zijn.
Hier ligt ook een kans om te voorkomen dat er een tweedeling in de samenleving ontstaat tussen, zij die wel en zij die niet mee kunnen doen. Dit vraagt om een woningaanbod dat inspeelt op een zeer diverse woonopgave, waarin aandacht is voor betaalbaarheid, toegankelijkheid, veiligheid en participatie.
Waarbij ook aandacht is voor degenen die het zelfstandig niet redden, en wat hulp nodig hebben. Daarbij gaat het niet alleen om het aanbieden van “een dak boven je hoofd”, maar ook om zorg en begeleiding en een achtervang indien dit nodig is.
Om dit mogelijk te maken is het van belang dat we voorzien in een voldoende gedifferentieerd woningaanbod voor een diversiteit aan doelgroepen. Deze diversiteit wordt immers ingegeven door uiteenlopende behoeften. We willen zo veel mogelijk doelgroepen een plek geven in ons dorp, maar wij vinden het ook belangrijk dat de gemeenschap dit kan dragen. Om ervoor te zorgen dat Son en Breugel een levendig, groen en vitaal dorp is en blijft, dient de draagkracht van ons dorp groter te zijn dan de draaglast.
Daarnaast zijn de ruimtes c.q. ontwikkelingslocaties, die in Son en Breugel nog beschikbaar zijn, niet oneindig. Daarom komt het er nu op aan dat we op de beschikbare locaties de “juiste dingen doen”. Naast nieuwbouwmogelijkheden nemen we ook de mogelijkheden in de bestaande woningvoorraad mee (o.a. woningsplitsing), als ook transformatie van gebouwen en overig vastgoed. Er moeten dus keuzes worden gemaakt. Zowel bestaande als nieuwe initiatieven worden daarin meegenomen. Het is een continu proces, waarbij verwachtingsmanagement essentieel is.
We beginnen hieraan niet blanco, maar gaan uit van bestaande kaders, waaronder Persoonlijk en Dichtbij, Wonen met Zorg, Toekomstvisie, Woonvisie en het Woningbouwprogramma (addendum Woonvisie).
Proces
Stap 1: Beeld bepalen vertrekpunt, waar staan we nu?/ inventarisatie (intern)
Welke locaties zijn beschikbaar en inzetbaar? Wat ligt er al aan initiatieven? We willen dit bespreken met de raadscommissies grondgebiedzaken en burgerzaken. Uitgangspunt hierbij is dat we naar deze locaties kijken vanuit een bredere en verfijnde integrale aanpak met betrekking tot wonen, welzijn en zorg.
Stap 2: Nadere analyse behoeften (deels intern, deels met stakeholders)
Hierbij maken we onder andere gebruik van de reeds beschikbaar of binnenkort beschikbare gegevens van de lokale resultaten van het regionaal woonbehoefteonderzoek, uitkomsten enquête woonwensen seniorenraad en het regionale onderzoek naar de benodigde kernvoorraad enzovoort.
Indien nodig doen we aanvullend onderzoek met input van de diverse stakeholders.
Stap 3. Gedeeld beeld bepalen
Op basis van de uitkomsten bij stap 1 en stap 2 wordt bepaald welke doelgroepen we willen c.q. kunnen faciliteren. Zijn dat alle doelgroepen of vallen er afhankelijk van de beschikbaarheid van ontwikkelingsruimte, inclusief mogelijkheden bestaande woningvoorraad en transformatie, toch doelgroepen af? Ook hier is verwachtingsmanagement belangrijk. Is er voor de diverse doelgroepen ruimte beschikbaar en zo ja waar, hoeveel en op welke manier?
Deze uitkomsten delen we met de diverse stakeholders om tot een gedragen visie en tot de invulling van de diverse ontwikkellocaties te komen, inclusief mogelijkheden in de bestaande woningvoorraad.
Vanaf stap 3 is het een continu proces, waarbij het niet gaat om één project, maar om diverse initiatieven en locaties, waarbij we per situatie de afweging maken welke stakeholders worden betrokken.
Periodiek is er een ijkmoment: “Waar staan we? Wat hebben we nodig en waar liggen kansen en mogelijkheden?”. Daarmee bewaken we ook de prioritering.
We bewaken de integraliteit met de andere taakvelden en focusgebieden en zorgen dat afhankelijk van de aard van initiatieven diverse vakdisciplines worden betrokken. We koppelen periodiek de stand van zaken terug aan de raad. Ook wordt periodiek terugkoppeling gegeven aan inwoners en belangengroeperingen via bijvoorbeeld themapagina’s over woningbouwlocaties en ontwikkelingen, bewonersbijeenkomsten, inloopmogelijkheden enzovoort.
Daarnaast gaan we ook in gesprek met inwoners en belangenorganisaties over wat inwoners zelf kunnen doen en om ook een stukje bewustwording te creëren over levensloopbesteding wonen.
Stap 4 Prioritering
Zowel per project c.q. ontwikkeling als per doelgroep wordt prioritering aangebracht gedurende de stappen 1 tot en met 3.
Stap 5 Besluitvorming
Definitieve besluitvorming over de route, programmering en de planprocedures in relatie tot ontwikkelingen verloopt via de gemeenteraad.
Stap 6 Uitvoering
Nog niet bekend.
Stap 7 Evaluatie
Na elk project/ontwikkeling wordt samen met alle betrokkenen geëvalueerd en worden leerpunten meegenomen in een volgend project /ontwikkeling.
Voor het gehele proces geldt dat hier een duidelijke link ligt met de Omgevingswet. Vanuit deze wet is ook sprake van verdergaande participatie.
Termijn/periode Budget/globale opgave
Meerjarig en continue proces. Stip op de horizon. Aanhaken bij diverse visievorming/ planningen/ programmering tot 2020/2030 (relatie met programma 10: Ruimtelijke inrichting) en dan opknippen per 5 jaars-periode. Dit is ook van belang in het kader van prioritering. Het budget van wonen en ruimtelijke ontwikkeling is onderdeel van programma 10 van de begroting. Voor kosten m.b.t. eventueel aanvullend onderzoek en procesbegeleiding is geen budget beschikbaar. Aanvullend budget is dus p.m. Dit geldt deels ook voor kosten in het kader van planologische maatregelen in relatie tot ontwikkellocaties.
Stap 1 Het budget van welzijn en zorg is onderdeel van programma 8 van de begroting. Voor nieuwe activiteiten is een innovatiebudget opgenomen.
·         September 2018: Start
Stap 2 Het inzetten op eventueel flankerend beleid zoals bijvoorbeeld “de blijverslening” en het op basis van een evaluatie voortzetten van “de starterslening” worden apart voorgelegd.
·         Nadere analyse behoeften
Stap 3
·         Gedeeld beeld bepalen
Stap 4
·         Prioritering
Stap 5
·         Besluitvorming
Stap 6
·         Uitvoering
Stap 7
·         Evaluatie

Regionale samenwerking

Project en programma
Regionale Samenwerking
Programma 1: Bestuurlijke Zaken
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
Regionale samenwerking ·         Goede, integrale dienstverlening aan inwoners, bedrijven en organisaties, inclusief de taken die op bovenlokaal niveau zijn georganiseerd Inwoners en bedrijven
·         Bijdragen aan een regio, die internationaal wordt erkend en meetelt Gemeenten:
·         9 in Het Stedelijk Gebied Eindhoven
·         21 gemeenten in Zuidoost-Brabant
Samenwerkingsverbanden:
·         Metropoolregio
·         SGE
·         GGD
·         Veiligheidsregio
·         Omgevingsdienst
·         WSD
·         Dienst Dommelvallei
Externe partners:
·         Woningcorporaties
·         Zorg- en welzijnsinstellingen
Samenwerkingsproces
Inleiding
In de afgelopen jaren zijn steeds meer taken bij de gemeenten neergelegd. Het takenpakket van de gemeenten wordt daardoor groter en legt steeds meer druk op zowel bestuurders als op de ambtelijke apparaten. Het risico daarvan is dat deze minder tijd beschikbaar hebben voor de eigen (lokale) gemeenschap. Als antwoord op de toenemende druk gaan gemeenten steeds meer regionaal samenwerken. Op die manier is het mogelijk om het meer of betere professionals in te huren en daarmee de kwaliteit te verbeteren. Daarnaast kan door regionale vraag bijvoorbeeld de vraag worden gebundeld en daarmee vervolgens kosten worden bespaard. Bovendien kan door samenwerking tussen gemeenten een stevigere positie worden ingenomen bij de provincie en de rijksoverheid.
Regionale Samenwerking in Son en Breugel
Ook Son en Breugel werkt op allerlei niveaus en op allerlei terreinen samen met andere partijen, zo ook op regionaal niveau. Daarbij onderscheiden we 3 niveaus:
1.            De Dommelvallei (plus), bestaande uit de gemeenten Geldrop-Mierlo, Nuenen, Son en Breugel (en soms Waalre);
2.            Het Stedelijk Gebied Eindhoven, bestaande uit de gemeente Eindhoven, haar rand-gemeenten en de gemeente Helmond; en
3.            Zuidoost Brabant, waarin 21 gemeenten samenwerken.
Naast de 3 niveaus zijn er ook 6 formele regionale samenwerkingen. Het betreffen samenwerkingen die op de Wet gemeenschappelijke regelingen zijn gestoeld het betreffen de volgende 6 samenwerkingen:
-               Dienst Dommelvallei
-               GGD Zuidoost Brabant
-               Metropoolregio Eindhoven
-               Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB)
-               Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost
-               WSD
Buiten deze 6 formeel-juridische samenwerkingen, kennen we ook allerlei andere inhoudelijke samenwerkingen. Een van de bekendste hiervan is onder meer het bestuursconvenant voor het Stedelijk Gebied Eindhoven, het bureau inkoop zuidoost Brabant (bizob) en 21voordejeugd.
Proces
Regionale samenwerking is voor Son en Breugel dus belangrijk en moet goed worden geborgd. Anderzijds wordt er al veel samengewerkt en moeten we voorkomen dat we door een gebrek aan overzicht de democratische legitimatie in het gedrang komt. Daarmee ligt er, naast het werk dat reeds op regionaal vlak wordt gedaan, een extra opdracht op dit terrein, namelijk het borgen van de regionale samenwerking in onze huidige werkwijze en beleid.
Onder het adagium ‘wat goed is voor de regio, is goed voor Son en Breugel’ zullen we, in geval van nieuw beleid of het herijken van bestaand beleid, moeten nagegaan of op regionaal niveau wordt samenwerkt. Wanneer dit het geval is, zullen we moeten afwegen of Son en Breugel gaat participeren of niet, de voorkeur daarbij is om wel regionaal te participeren, dus zal het afwijken daarvan moeten worden beargumenteerd. Wanneer er niet regionaal wordt samengewerkt, zullen we moeten bekijken of regionale samenwerking meerwaarde biedt en of dit vanuit Son en Breugel kan/moet worden opgezet. Samengevat wordt bij nieuw beleid of de herijking van bestaand beleid voor wat betreft de regionale samenwerking het volgende stroomschema doorlopen:
In overleg met de ambtelijke organisatie zal het format voor de college- en raadsvoorstellen worden aangepast, daarnaast zal voor de ambtelijke organisatie aparte bijeenkomsten worden belegd om hen bewust te maken van regionaal beleid. De volgende stappen worden doorlopen:
1. aanpassen format college- en raadsvoorstellen
2. testen nieuwe format
3. instrueren ambtelijke organisatie
Termijn/periode Budget/globale opgave
Stap 1 en 2 Voor het uitvoeren van deze twee opdrachten is alleen capaciteit nodig.
·         Q1 - 2019 Extra financiële inzet is in eerste instantie niet noodzakelijk.
Stap 3
·         Q2 - 2019

Veiligheid (Inwoners leven in een veilige woonomgeving)

Project en programma
Veiligheid
1. Inwoners leven in een veilige woonomgeving
Programma 3: Veiligheid en handhaving
Inleiding
Begin 2019 zal de gemeenteraad het veiligheidsbeleid voor de komende periode vaststellen. Naar aanleiding van de oriënterende bespreking in de commissie algemene zaken zijn voor 2019 onderstaande twee focusgebieden met prioriteiten en activiteiten opgenomen.
De focusgebieden zijn:
1. Inwoners leven in een veilige woonomgeving
2. Het buitengebied en ondernemers worden beschermd tegen (ondermijnende) criminaliteit
Naar verwachting zal het veiligheidsbeleid de komende jaren de volgende kristallisatiepunten hebben: Veilige Woonomgeving, Veilig Ondernemen en Veiligheid en Zorg.
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
1. Inwoners leven in een veilige woonomgeving ·         Inwoners ervaren een veilig gevoel ·         Inwoners
·         Het aantal woninginbraken neemt af ·         Politie
·         De integrale samenwerking met de beheerders van de Whatsapp-groepen is structureel ·         Veiligheidsregio
·         De koppeling zorg en veiligheid wordt gestandaardiseerd ·         Omwonenden
·         Buurtbeheer Hoogstraat Whatsapp-buurtgroepen
·         Beheerders Whatsapp-buurtgroepen
·         SonenBreugelVerbindt
·         Seniorenraad
·         Vrijwilligers Brandveilig leven Son en Breugel
·         Partners sociaal domein
Samenwerkingsproces
Proces
De politie is verantwoordelijk voor handhaving van de openbare orde en veiligheid en treedt op tegen onveilige situaties. Het bevorderen van de veiligheid is een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. De samenwerking tussen politie, gemeente, veiligheidsregio en de inwoners is nodig om dit te bereiken. De samenwerking met name met de 40 (beheerders) van de Whatsapp-buurtalarmgroepen en SonenBreugelVerbindt, Seniorenraad en Buurtbeheer Hoogstraat wordt voortgezet en waar mogelijk uitgebreid.
Het aantal woninginbraken is in de afgelopen vier jaren afgenomen. Op het verder afnemen van het aantal is niet te sturen. We richten ons op preventie. Hiervoor zijn de Whatsapp-buurtalarmgroepen van belang. Kerntaak van de leden van de groepen is het signaleren van verdachte situaties, personen of voertuigen en vervolgens alarmeren, whatsappen en reageren. Met de beheerders is twee keer per jaar structureel overleg. We benutten deze samenwerking om kennis en alertheid te verbreden en ook te verdiepen. Initiatieven worden door de gemeente gestimuleerd en gefaciliteerd. Inwoners worden daardoor meer betrokken bij hun eigen woonomgeving.
Het project brandveilig leven wordt voortgezet. Brandveiligheidschecks en het plaatsen van rookmelders worden gegeven in wijken die nog niet zijn bezocht.
Tijdelijk of vast cameratoezicht in een wijk, wijken of gebied draagt bij aan veiligheid vanuit het oogpunt van preventie en is een middel om daders op de sporen. Er wordt onderzoek verricht naar de rechtmatigheid en doelmatigheid. Proportionaliteit en subsidiariteit zijn kernbegrippen bij het toepassen van cameratoezicht. Onderzoek is ook vereist in het kader van de AVG. Er moet een privacy impact assessment worden gehouden. Dit willen we in Q2 oppakken. Het is nog niet duidelijk of we het onderzoek zelf verrichten of dat we het uitbesteden.
Uit de veiligheidsanalyse blijkt dat het aantal meldingen van woonoverlast en incidenten met gestoorde/verwarde personen toe is genomen. Voor de aanpak van deze vormen van overlast is een sluitende ketenaanpak vereist waarbij de koppeling wordt gemaakt tussen veiligheid en zorg. De gemeente is hierin regisseur.
In het kader van nazorg en preventie wordt de samenwerking vanuit het sociale domein voortgezet. Het model AVE (Aanpak Voorkomen Escalatie) wordt gevolgd. Dossiervorming, regie op casus en proces zijn van belang. Het Zorg en Veiligheidshuis Zuidoost Brabant (ZVVZOB) heeft een rol bij complexe casussen.
De participatie van inwoners is van belang in het kader van vroegsignalering. De bestaande samenwerking met inwoners kan er toe leiden dat inwoners eerder en meer signaleren. Lijnen worden immers korter en men weet elkaar eerder en sneller te vinden.
Toezicht en handhaving zijn onlosmakelijk verbonden aan een veilige woonomgeving. Naast thema’s op het gebied van veiligheid is toezicht op en handhaven van omgevingsvergunningen, slopen, Illegale bouw, alcoholwetgeving en evenementen van belang. In het uitvoeringsprogramma veiligheid en handhaving wordt aangegeven welke inspanningen hierop worden verricht.
Termijn/periode Budget/globale opgave
·         Samenwerking met partners is structureel en informeel naar behoefte Structureel:
·         Overleg met beheerders WA-groepen: 2x per jaar (Q2 en Q4) ·         Zie bestaande budgetten
·         Overleg met buurtbeheer Hoogstraat (4x per jaar) Incidenteel:
·         Onderzoek cameratoezicht (tijdelijk of permanent, in Q2) ·         Onderzoek cameratoezicht € 10.000,-
·         Vaststellenverordening Woonoverlast (Q1)
·         Sluitende aanpak verwarde/gestoorde personen (Q3)

Veiligheid (Het buitengebied en ondernemers worden beschermd tegen (ondermijnende) criminaliteit

Project en programma
Veiligheid
2. Het buitengebied en ondernemers worden beschermd tegen (ondermijnende) criminaliteit
Programma 3: Veiligheid en handhaving
Inleiding
Begin 2019 zal de gemeenteraad het veiligheidsbeleid voor de komende periode vaststellen. Naar aanleiding van de oriënterende bespreking in de commissie algemene zaken zijn voor 2019 onderstaande twee focusgebieden met prioriteiten en activiteiten opgenomen.
De focusgebieden zijn:
1. Inwoners leven in een veilige woonomgeving
2. Het buitengebied en ondernemers worden beschermd tegen (ondermijnende) criminaliteit
Naar verwachting zal het veiligheidsbeleid de komende jaren de volgende kristallisatiepunten hebben: Veilige Woonomgeving, Veilig Ondernemen en Veiligheid en Zorg.
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
2. Het buitengebied en ondernemers worden beschermd tegen (ondermijnende) criminaliteit ·         Het toezicht in het buitengebied is integraal en structureel ·         Inwoners
·         Bewoners in het buitengebied en ondernemers zijn maatschappelijk weerbaarder ·         Politie
·         Veiligheidsregio
·         Ondernemersvereniging
·         SBBE
·         Omgevingsdienst
·         Netwerkpartners:
o    Staatsbosbeheer
o    Brabants Landschap
o    Wildbeheereenheid
o    Dassenwerkgroep
o    Samen Sterk in Brabant
Samenwerkingsproces
Proces
In 2016 is het netwerk toezicht in het buitengebied ingericht. Deelnemers zijn Staatsbosbeheer, Brabants Landschap, Samen Sterk in Brabant (Omgevingsdienst), politie, gemeenten Nuenen en Son en Breugel, Dassenwerkgroep en de Wildbeheereenheid. Een van de speerpunten is toezicht houden op en signaleren van illegale drugsdumpingen en wildcrossen in het buitengebied. De gemeente heeft hierbij een coördinerende rol.
In 2018 is een onbezoldigd ambtenaar als toezichthouder voor het buitengebied aangesteld.
Deze samenwerking wordt voortgezet en waar mogelijk en nodig geïntensiveerd. Het gezamenlijk toezicht in het buitengebied door een Boa van de gemeente Nuenen en Son en Breugel wordt voortgezet.
Het aanstellen van een Boa specifiek voor het buitengebied wordt onderzocht op wenselijkheid, haalbaarheid en noodzakelijkheid. Het opsporen van feiten die zijn gerelateerd aan criminaliteit in het buitengebied zoals drugsdumpingen is primair een politietaak.
In 2018 bezoeken we samen met politie, veiligheidsregio en Omgevingsdienst agrariërs van wie bekend is of we het vermoeden hebben dat ze stoppen of gestopt zijn. Leegstaande stallen zijn voor criminelen gewenste objecten in het kader van ondermijnende criminaliteit. Deze controles zetten we voort in 2019 en we breiden de doelgroep uit naar andere sectoren in het buitengebied.
Doel is het bevorderen van de weerbaarheid van deze doelgroep(en). We controleren de locaties en we maken de betrokkenen bewust van het feit dat zij kwetsbaar zijn en dat vormen van geweld of bedreiging met geweld een groot risico vormen. We geven voorlichting, maar geven ook handvatten hoe te handelen in het geval dat ze worden benaderd door criminelen. Uit onderzoek blijkt dat 15% van ondernemers in het buitengebied zijn bezocht door criminelen.
Ondernemers van bedrijven, specifiek op Ekkersrijt, kunnen een belangrijke bijdrage leveren bij het vergroten van de veiligheid. We streven er naar om met ondernemers en politie samen te werken, zodat ondernemers eerder en vaker signaleren en melding doen van onveilige verdachte situaties, locaties en subjecten.
We creëren hiermee een veiliger ondernemersklimaat.
De aanpak van ondermijnende criminaliteit wordt gecoördineerd vanuit het basisteam Driehoek Dommelstroom plus (inclusief Belastingdienst). We stellen voor een fulltime basisteamprogrammaleider voor het basisteam te benoemen als linking pin tussen uitvoering en beleid binnen het basisteam. Hiervoor wordt een bijdrage per inwoner gevraagd, wat jaarlijks neerkomt op een bijdrage van € 11.720,-.
Termijn/periode Budget/globale opgave
·         Netwerk toezicht buitengebied komt 4x per jaar samen. Structureel:
·         Controle buitengebied: structureel door netwerkpartners, Boa’s van de gemeente Nuenen en Son en Breugel en de onbezoldigde toezichthouder. ·         Zie bestaande budgetten
·         In Q2 en Q4 twee controledagen voor agrarische sector dan wel andersoortige bedrijven die kwetsbaar zijn voor ondermijnende criminaliteit. ·         3e Boa € 60.000,-
Incidenteel:
·         Agrarische sector € 10.000,-
·         Basisteam programmaleider € 11.720,-

Burgerparticipatie

Project en programma
Burgerparticipatie
1. Burgerparticipatie
Programma 1: Bestuurlijke zaken
Bij dit focusgebied onderscheiden we twee projecten:
1. Burgerparticipatie
2. Bestuursstijl - Werkwijze gemeenteraad
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
1. Burgerparticipatie ·    Inwoners voelen zich verantwoordelijk voor hun leefomgeving ·         Gemeenteraad
·    Inwoners zijn actief betrokken bij gemeentelijk beleid ·         Adviesgremia
·    Versterkte saamhorigheid ·         Bewonersnetwerken
·         Individuele inwoners
Samenwerkingsproces
Inleiding
Hoewel er verschillende theorieën, invalshoeken en tools bestaan, kan worden gesteld dat er geen blauwdruk is voor burgerparticipatie. Het toepassen van burgerparticipatie is namelijk afhankelijk van een aantal factoren: wensen van inwoners, termijn / beschikbare tijd, capaciteit van de gemeentelijke organisatie (zowel in kennis en kunde als in hoeveelheid) en als laatste het betreffende beleidsterrein of doelstelling. Deze factoren maken iedere situatie uniek. Het is dus onmogelijk om een eenduidige blauwdruk voor burgerparticipatie te ontwikkelen. Afhankelijk van de categorie waarin het beleid valt kan worden bepaald in welke mate burgerparticipatie mogelijk is. De volgende matrix geeft hier een eerste aanzet voor.
* voorgeschreven beleid en wetgeving, gemeente legt uit en past toe op lokale situatie, raad/college
beslist.
** eigen beleid van gemeente, gemeente en inwoner geven samen het proces vorm, raad/college
beslist.
*** burgerinitiatief, inwoners leidend in proces, gemeente faciliteert, inwoner beslist.
Processen
Wettelijke taken/ hoofdprocessen
Dit zijn de taken die aan de gemeente zijn opgelegd, denk hierbij bijvoorbeeld aan het Sociaal Domein. Deze taken maken gebruik van een groot deel van de beschikbare tijd, middelen en personeel. Er is beperkte beleidsvrijheid voor gemeenten en lenen zich daarom zelden voor burgerparticipatie. Wel blijft het informeren van inwoners onverminderd belangrijk. Daarnaast maken we gebruik van de bestaande en eventueel op te richten adviesgremia die als signaleringspost en gesprekspartner kunnen dienen in de uitvoering van deze taken. Burgerparticipatie beperkt zich tot het raadplegen van inwoners over beleidsonderwerpen/hoofdprocessen.
Inwoners helpen de gemeente
Bepaalde taken, projecten, en uitvoeringen van wettelijke taken/hoofdprocessen lenen zich voor intensieve samenwerking met inwoners. Een van de kenmerken van deze categorie is dat processen een begin en eind hebben. Dit is een belangrijke voorwaarde voor burgerparticipatie, inwoners hebben immers geen behoefte aan voortdurende participatietrajecten. Een goed voorbeeld van dit proces is het ‘Groenbeleidsplan’.
Gemeente faciliteert inwoners
Hier gaat het om initiatieven die vanuit de gemeenschap ontstaan. Inwoners hebben "the lead' en hebben dus ook beslissingsbevoegdheid. De gemeente stelt de hoogte van de budgetten vast. Inwoners zijn vrij deze budgetten naar wens in te zetten. Voorbeeld van dit proces is het ‘buurttuin ‘t Zand’-project.
Het is zaak aan deze participatie-tredes en beleidscategorieën instrumenten te verbinden. Om te weten aan welke instrumenten behoefte is, dient er een behoefteonderzoek onder de verschillende doelgroepen (inwoners, raad en medewerkers) plaats te vinden.
Termijn/periode Budget/globale opgave
Stap 1 Voor zover nu zichtbaar zijn er twee budgetten nodig:
·         Q4 - 2018: Start voorbereiding onderzoek / aanbesteding
Stap 2 ·         Onderzoeksbudget: hoogte afhankelijk van vraag (onderzoeken hoe andere gemeenten hiermee zijn omgegaan). PM, indicatie volgt.
·         Q1/Q2 - 2019: Behoefteonderzoek ·         Uitvoeringsbudget: afhankelijk van het uiteindelijke uitvoeringsplan is budget nodig om uitvoering te geven aan burgerparticipatie. Denk aan geld voor het organiseren van bijeenkomsten, het doen van peilingen enzovoort. PM, vloeit voort uit behoefteonderzoek.
Stap 3
·         Q2/Q3 - 2019: Vertalen resultaten onderzoek naar burgerparticipatiebeleid
Stap 4
·         Vanaf Q3 - 2019: Uitvoeren burgerparticipatiebeleid

Burgerparticipatie (bestuursstijl - werkwijze gemeenteraad)

Project en programma
Burgerparticipatie
2. Bestuursstijl - Werkwijze gemeenteraad
Programma 1: Bestuurlijke zaken
Bij dit focusgebied onderscheiden we twee projecten:
1. Burgerparticipatie
2. Bestuursstijl - Werkwijze gemeenteraad
Focusgebied Maatschappelijk effect Stakeholders/netwerk
2. Bestuursstijl - Werkwijze gemeenteraad ·         Verhogen efficiency en effectiviteit besluitvorming raad ·         Gemeenteraadsleden
·         Vergroten betrokkenheid inwoners bij beleidsvorming ·         (plv.) Burgerleden commissies
·         Verbeteren werkwijze van en verhouding tussen raad en college en raadsleden onderling ·         Collegeleden
·         Verbeteren controlerende taak raad ·         Inwoners
·         N.t.b.
Samenwerkingsproces
Gemeentelijke rol
De gemeenteraad fungeert als initiator.
In het coalitieakkoord is vastgelegd dat een raadsbrede werkgroep wordt benoemd om de ontwikkeling tot wijziging van de bestuursstijl en de werkwijze van de raad in gang te zetten en te volgen. De werkgroep wordt begeleid door een externe adviseur en gebruik wordt gemaakt van goede voorbeelden elders.
Burgerparticipatie gaat, als wezenlijk element, als rode raad door de diverse activiteiten van de werkgroep lopen.
Proces
Stap 1: Instellen raadsbrede werkgroep door het presidium
Stap 2: Benoemen extern adviseur door werkgroep
Stap 3: Inventariseren te behandelen thema’s door werkgroep
Stap 4: Bepalen aanpak per thema en bepalen wie hierbij betrokken worden door werkgroep
Stap 5: Uitwerken / nader onderzoeken van de diverse thema’s door werkgroep en eventueel anderen
Stap 6: Conclusie per thema en eventuele aanpassingsvoorstellen door werkgroep
Stap 7: Besluitvorming door bevoegde organen over aanpassingsvoorstellen door werkgroep
Stap 8: Implementatie genomen besluiten tot aanpassing
Termijn/periode Budget/globale opgave
Stap 1 ·         Inschakeling externe adviseur: € 7.500,-, eenmalig
·         September 2018: ·         Diverse kosten in verkenningsfase, o.a. werkbezoeken: € 1.000,-, eenmalig
Instellen raadsbrede werkgroep ·         Kosten op langere termijn, o.a. bijeenkomsten met inwoners / organisaties, werkbezoeken raad:
Stap 2 € 5.000,- structureel per jaar
·         September 2018:
Benoemen extern adviseur
Stap 3 t/m 6
·         September 2018 – februari 2019: Werkzaamheden raadswerkgroep
Stap 7 en 8
·         Vanaf november 2018:
Besluitvorming over en implementatie van
aanpassingsvoorstellen raadswerkgroep