Meer
Publicatiedatum: 04-07-2019

Inhoud

Programma onderdelen

Lokale heffingen

Inleiding

Deze paragraaf geeft een overzicht van de diverse lokale heffingen en belastingen op hoofdlijnen.

Beleid

Bij het heffen en invorderen van belastingen zijn we onder meer gebonden aan:

  • de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR);
  • de Algemene wet bestuursrecht (Awb), (inclusief de algemene beginselen van behoorlijk bestuur);
  • de Invorderingswet 1990;
  • de Gemeentewet;
  • diverse Uitvoeringsbesluiten.

De wet geeft duidelijke kaders aan voor de heffing, invordering en kwijtschelding van gemeentelijke belastingen. Het maken van uitzonderingen op de regels uit de wetgeving is niet toegestaan, dit om rechtsongelijkheid voor de burger te voorkomen.
In het verlengde daarvan liggen de beleidsregels. Er kunnen zich gevallen voordoen die in de wet niet specifiek zijn geregeld. Dan is het noodzakelijk en wenselijk dat regels worden gesteld die een uniforme, praktische en doelmatige uitvoering mogelijk maken.

In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten, bepaald in de kadernota, zijn de tarieven over 2018 als volgt aangepast:

  • De OZB is verhoogd met de inflatiecorrectie (1,1%);
  • Leges en tarieven zijn verhoogd met de inflatiecorrectie (1,1%);
  • De tarieven voor de rioolheffing en afvalstoffenheffing zijn gebaseerd op 100% kostendekkendheid waarbij rekening is gehouden met een zo reëel mogelijke inschatting van zowel de baten- als de lastenontwikkeling binnen het meerjarenperspectief 2018-2021.

Onroerendezaakbelastingen (OZB)

We heffen op grond van artikel 220 van de Gemeentewet twee directe belastingen op de onroerende zaken die binnen de gemeente liggen, de zogenaamde onroerendezaakbelastingen:

  • Een gebruikersbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar een onroerende zaak (die niet in hoofdzaak tot woning dient, al dan niet krachtens eigendom) bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt;
  • Een eigenarenbelasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar van een onroerende zaak het genot heeft krachtens eigendom, bezit of beperkt recht.

De hoogte van de OZB is afgeleid van de WOZ-waarde (een percentage). Jaarlijks worden nieuwe WOZ-waarden vastgesteld. De aanslagen zijn gebaseerd op de WOZ-waarden met een waardepeildatum die 1 jaar voorafgaand aan het belastingjaar ligt.
De maximaal verwachte opbrengst OZB wordt als percentage van de totale WOZ-waarden van alle onroerende zaken in Son en Breugel uitgedrukt. Dit percentage is bepalend voor de hoogte van elke individuele aanslag OZB.

Bij de vaststelling van de tarieven is rekening gehouden met de waardeontwikkeling. Op basis van de nieuw gewaardeerde onroerende zaken is de gemiddelde waardestijging voor woningen becijferd op 5,86% en de gemiddelde waardeontwikkeling voor niet-woningen op 2,47%. Binnen deze categorieën onroerende zaken kunnen zich bij individuele objecten zowel afwijkingen naar boven als naar beneden voordoen. Al geruime tijd is beleidsuitgangspunt geweest dat bij een daling of stijging van de WOZ-waarde de OZB-opbrengst gelijk blijft. Conform voornoemde regelgeving zijn de tarieven voor 2018 bijgesteld aan de hand van de ontwikkeling van de nieuwe WOZ-waarden en wel zodanig dat uiteindelijk sprake is van een gelijkblijvend niveau van de opbrengst OZB, exclusief de areaal uitbreiding en de tariefaanpassing.

Afvalstoffenheffing

De gemeente is verplicht om huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Op grond van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer wordt afvalstoffenheffing geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel waarvoor krachtens artikel 10.21 en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.
De tarieven van zowel de afvalstoffenheffing als de rioolheffing worden zodanig vastgesteld dat de geraamde kosten niet boven de geraamde baten uitkomen. Binnen Son en Breugel is 100% kostendekkendheid uitgangspunt voor de berekening van de tarieven.

De laatste jaren maken we een slag in het scheiden van afval en daardoor het terugdringen van de hoeveelheid restafval. Dat betekent ook dat de kosten omlaag kunnen. Verbranden van afval is momenteel immers de duurste vorm van verwerking.

In een Circulaire Economie, waarin waardevolle grondstoffen steeds opnieuw worden hergebruikt voor nieuwe producten, streven we naar een afvalloze samenleving. In het door ons college op 15 mei 2012 vastgestelde Manifest voor een afvalloze samenleving is onze ambitie gericht op 95% hergebruik in het jaar 2020. Die doelstelling willen wij bereiken door verdere optimalisatie en innovatie van de afvalinzameling en –verwerking en waarvoor we eind 2012 een samenwerkingscontract hebben gesloten met de firma Baetsen.
In 2017 is samen met het Bizob de inkoopstrategie voor omgekeerd inzamelen vastgesteld wat zeer complex is doordat er maar 1 geschikte leverancier bleek te zijn. De voorbereidingen, zoals de daadwerkelijke gunning, zijn eind 2017 gestart en de invoering van het omgekeerd inzamelen is in 2018.
In 2018 wordt het principe van omgekeerd inzamelen ingevoerd in de bebouwde kom van de hele gemeente Son en Breugel. Dit betekent dat de bewoners, net zo als in 't Zand en de hoogbouwlocaties, hun restafval moeten wegbrengen. Daar staat tegenover dat hun PMD zakken wekelijks worden ingezameld en bijna heel het jaar door wekelijks GFT kan worden aanboden. De huidige grijscontainers worden papiercontainers die 4 wekelijks worden ingezameld. Door wegende ondergrondse containers toe te passen krijgen we inzicht in het scheidingsgedrag per huishouden waarop nieuwe maatregelen kunnen worden bedacht om de hoeveelheid restafval verder te laten dalen naar 5% restafval in 2020.

Daarnaast stimuleren we de inwoners om hun voor de milieustraat bestemde afvalstromen nog beter te scheiden. Daarvoor is er een “Happy Hour” op de vernieuwde milieustraat geïntroduceerd. Inwoners van Son en Breugel kunnen iedere woensdagavond van 18.00 tot 20.00 u een groot aantal afvalstro-men waar normaliter voor moet worden betaald, zoals bouw- en sloopafval, gratis aanbieden mits deze afvalstromen goed gescheiden zijn. In de openbare ruimte hebben we de burgers eveneens meer mo-gelijkheden gegeven om hun afval te scheiden. Daartoe zijn op een aantal druk bezochte locaties nieuwe afvalbakken geplaatst met gescheiden compartimenten voor PMD en restafval.

Bij de sortering en vermarkting van PMD zullen de werkzaamheden waar mogelijk regionaal worden uitgevoerd met uitdrukkelijk aandacht voor social return. De aanbesteding hiervoor is medio 2017 van de markt gehaald, aangezien er een systeemwijziging aankomt, waardoor er geen geschikte partijen zijn geweest die konden inschrijven. Er is een overbruggingscontract afgesloten voor 2018 aangezien de wijziging naar alle waarschijnlijkheid begin 2019 wordt door gevoerd.

Rioolheffing

Op grond van artikel 229 van de Gemeentewet wordt rioolheffing geheven. De rioolheffing wordt opgelegd aan de gebruiker van een perceel, van waaruit afvalwater direct of indirect via de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.

De tarieven van zowel de afvalstoffenheffing als de rioolheffing worden zodanig vastgesteld dat de geraamde kosten niet boven de geraamde baten uitkomen. Binnen Son en Breugel is 100% kostendekkendheid uitgangspunt voor de berekening van de tarieven.
De noodzakelijke verbeteringen en vervangingen van het rioolstelsel zijn systematisch in beeld gebracht. De hieruit voortvloeiende lasten zijn opgenomen binnen de tariefsberekeningen. Voornoemde verbeteringen en investeringen zijn opgenomen binnen het overzicht nieuwe activiteiten zoals opgenomen binnen deze begroting.

Binnen het samenwerkingsverband Optimalisering Afvalwaterketen Systemen (OAS) cluster Eindhoven zijn en worden voor de korte termijn 2015-2017 maatregelen getroffen om de ecologische kwaliteit van de Dommel te verbeteren. In 2017 worden de genomen maatregelen geëvalueerd en wordt bezien of er nog aanvullende maatregelen nodig zijn.
De financiële consequenties zijn in het gemeentelijk rioleringsplan (GRP) opgenomen. Medio september 2016 is het nieuwe GRP aan de gemeenteraad aangeboden waarin ook maatregelen zijn opgenomen voor adaptief waterbeheer.
Met deze maatregelen wordt inzicht gegeven wat het toenemende hemelwater voor gevolgen heeft voor onze gemeente en welke maatregelen in de toekomst genomen moeten worden.
Bij de invoering van de verbrede rioolheffing is de mogelijkheid geboden om naast de kosten van afvalwater ook de kosten van verwerking en afvoer van hemelwater in de rioolheffing te betrekken. Voor het afvoeren van hemelwater zijn en worden ook investeringen gedaan. Het afvalwater heeft een minimaal aandeel in de totale hoeveelheid water die verwerkt/afgevoerd wordt via de riolering. Het overgrote deel betreft hemelwater maar dit moet mede in relatie gezien worden tot het weer.
Door alleen af te rekenen op basis van afvalwater wordt de afvloeiing van hemelwater (en de kosten daarvan) niet in de berekening van de rioolheffing betrokken. Hiervoor wordt momenteel gezocht naar een oplossing. Mogelijk leidt dit tot het hanteren van een andere grondslag voor de heffing.

In 2018 is een voorstel voorbereid om de grondslag voor de rioolheffing te wijzigen. Op 7 februari 2019 heeft de gemeenteraad besloten om met ingang van 1 januari 2020 de rioolheffing te splitsen in een gebruikers- en een eigenarendeel. Het doel is om zoveel mogelijk eigenaren te stimuleren om het hemelwater af te koppelen van de gemengde riolering, om zodoende een klimaatbestendig Son en Breugel te realiseren.

Kostendekkendheid leges

Op grond van het besluit van 5 maart 2016 in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn gemeenten verplicht de berekening van tarieven en heffingen op begrotingsbasis inzichtelijk te maken. Op begrotingsbasis is duidelijk gemaakt dat de tarieven hoogstens kostendekkend zijn. Hiervoor verwijzen we naar de paragraaf in de meerjarenbegroting 2018-2021.

Kostendekkendheid afvalstoffenheffing en rioolheffing

Hieronder wordt in de jaarrekening verantwoording afgelegd of de heffingen (afvalstoffenheffing en rioolheffing) inderdaad kostendekkend zijn geweest, ofwel of de werkelijke baten de gerealiseerde lasten niet hebben overschreden. In onderstaande overzichten staan per heffing de totale baten en lasten en het gerealiseerde dekkingspercentage weergegeven.

Dekkendheid rioolheffing 2018
Lasten riool 305.343
Lasten riool, toerekening salaris & overhead 318.449
Lasten riool, kapitaallasten 210.524
Extracomptabele toerekening en BTW 228.191
Dotatie voorziening 82.347
Kosten totaal incl. extracomptabele toerekening en BTW 1.144.855
Baten rioolrechten 1.144.855
Onttrekking voorziening 0
Baten totaal 1.144.855
Dekkendheidpercentage riool 100%

dekkendheid afvalstoffenheffingen

Dekkendheid afvalstoffenheffing 2018
Lasten afval 1.307.271
Lasten afval, toerekening salaris & overhead 171.254
Lasten afval, kapitaallasten 4.084
Extracomptabele toerekening en BTW 312.052
Dotatie voorziening -
Kosten totaal incl. extracomptabele toerekening en BTW 1.794.661
Baten afval, diversen 463.460
Baten afvalstoffenheffing 1.270.063
Onttrekking voorziening 7.905
Baten totaal 1.742.428
Dekkendheidpercentage afval 97,09%

Marktgelden

Marktgelden worden geheven van degene die een standplaats inneemt (of van degene aan wie een standplaats is toegewezen) op de wekelijkse warenmarkt.
Marktgelden zijn afhankelijk van het aantal strekkende meters frontlengte van de standplaats. Het tarief 2018 is ten opzichte van 2017 verhoogd met de daarvoor geldende inflatiecorrectie (1,1%).

Precariorechten

In 2006 is notitie “Terrassenbeleid Son en Breugel” vastgesteld. Hierin is ingestemd met een gefaseerde verhoging van het bedrag per m2 per jaar. Conform deze notitie is dit basistarief per 2011 voor het eerst met bedoelde gefaseerde verhoging en een inflatoire aanpassing verhoogd. Voor de tijdelijke terrasuitbreidingen bij evenementen geldt alleen een inflatoire aanpassing.

Kwijtscheldingen gemeentelijke belastingen

Als mensen de verschuldigde belasting(en) niet kunnen betalen, komen zij wellicht in aanmerking voor gehele of gedeeltelijke kwijtschelding. In het kader van de administratieve lastenverlichting voor de burgers, hanteren we automatische kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen voor onze uitkeringsgerechtigden.
De kwijtscheldingsregels zijn vastgelegd in de Invorderingswet 1990 en de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990. De gemeente heeft, als gevolg van artikel 255 van de Gemeentewet, slechts op 2 onderdelen beleidsvrijheid:
  • de raad kan bepalen dat er helemaal geen dan wel gedeeltelijke kwijtschelding wordt verleend;
  • de raad kan regels stellen met betrekking tot de wijze waarop de kosten van bestaan in aanmerking worden genomen die er toe leiden dat in ruimere mate kwijtschelding wordt verleend.
Op grond van het laatste onderdeel heeft de gemeente gekozen voor het voor 100% meenemen van de kosten van bestaan. Het bestaande beleid wordt hiermee voortgezet.
Kwijtschelding kan worden aangevraagd voor de volgende heffingen:
  • Onroerendezaakbelastingen;
  • Afvalstoffenheffing;
  • Rioolheffing.
Tot op heden werkt de gemeente met de zgn. Rijksleidraad voor het invorderen van belastingen. De VNG heeft een nieuwe Leidraad Invordering ter beschikking gesteld. Aan de hand van het VNG-model is de nieuwe Leidraad invordering voor de gemeente Son en Breugel opgesteld. Deze wordt op korte termijn ter vaststelling aan de raad aangeboden.

Overzicht tarieven

2016 2017 2018
OZB Eigenaar Woning 0.0932% 0.0919% 0,0897%
OZB Eigenaar Niet-woning 0.1422% 0.1438% 0,1454%
OZB Gebruiker Niet-woning 0.1272% 0.1286% 0,1300%
Afvalstoffenheffing 1-persoonshh 149,64 150,00 155,04
Afvalstoffenheffing meer-pers.hh 187,58 188,00 194,28
Reinigingsrechten 176,40 176,40 182,28
Rioolheffing t/m 500m3 142,00 148,00 150,00

Vergelijking buurgemeenten

Son en Breugel Nuenen Eindhoven Best Geldrop-Mierlo
OZB Eig. woning 0,0897% 0,1497% 0,11081% 0,0956% 0,0803%
OZB Eig. niet-woning 0,1454% 0,2320% 0,24663% 0,1733% 0,1523%
OZB Gebr. niet-won. 0,1300% 0,1862% 0,19882% 0,1407% 0,1238%
Afvalstoffenheffing (*) (meerpers.huishouden) 194 284 231 235 245
Rioolheffing gebruiker 150 241 199 165 175

toelichting vergelijking buurgemeenten

(*): Diftar gemeenten worden door het COELO berekend op basis van vastrecht plus een gemiddeld aantal ledigingen (18 maal een grijze container van 140 liter en 7 maal een groene container van 140 liter). De aantallen van het COELO zijn gebaseerd op een landelijk gemiddelde. In de meeste diftar gemeenten is het gemiddelde aantal ledigingen vaak lager (zie hieronder bij Ontwikkeling lokale lastendruk).
Ontwikkeling lokale lastendruk

Ontwikkeling lokale lastendruk

Jaar 2016 2017 2018
WOZ-waarde 271.000 273.000 289.000
Wijziging WOZ-waarde 0,74% 5,86%
OZB 253 251 259
Afvalstoffenheffing (meerpersoons) 188 188 194
Rioolheffing 142 148 150
Totaal 583 587 603
% wijziging lasten t.o.v. t-1 0,0% 0,7% 2,7%